Voor een video verslag klik hier

16 Mei, Etappe 5: Sinzingen Anschbach:
Ik wordt wakker. Het is koud. Ik kijk om me heen. Eerst naar links. Grijs. Dan naar rechts. Ook grijs. Ik hoor niks. Echt helemaal niks. Je kent dat wel, zoals je TV kijkt die nog op “Mute”staat. Volop beeld, maar geen geluid. Ben ik misschien doof geworden? Waar lig ik? Oh ja. Ik slaap met oordoppen in. Tegen het gesnurk van Peter. Een oordop eruit. Nog steeds geen geluid. Niet het minste gesnurk te horen. Vaag, heel erg vaag herinner ik het me weer van gisternacht. Gisteren nacht schijn ik nogal gesnurkt te hebben. Toen ik nog met Peter een kamer deelde. Schijn, want het is nog steeds niet echt bewezen. En daarom lig ik nu op kamer 8. Waar is kamer 8? Geloof het of niet. Ondergronds. Ja, echt. Op verdieping –1. “Dan hebben de buren ook geen last van jou gesnurk”, aldus Peter. Dat zijn dus je maten. Maar enfin. Ik heb vannacht heerlijk geslapen en sta vroeg op. Ik zie dat onze schone was al weer klaar staat. Dat werkt zo: Als we de etappe gereden hebben, zetten we onze waszak op de gang. Die wordt dan opgehaald en gewassen door het supporting team. Klasse service. ’s Morgens sorteren we die even uit en dan kan iedereen snel z’n spullen pakken. Toen ik wat vroeg opstond, ben ik alvast met dat sorteren begonnen. En hier en gunter wie schets mijn verbazing. Een string tussen het wasgoed. En niet gemerkt met een naam of zo. Dus niet van de renners of van de begeleiding neem ik aan. Worden we voor de gek gehouden? Ik kan de thuiswachtende dames gerust stellen. Aan het ontbijt hebben met iedereen van het team gecheckt, wie er strings draagt, of dames op de kamer ontvangt. Jullie hoeven je dus nergens zorgen over te maken meiden! Alles is onder controle. Na een zorgvuldig onderzoek hebben we vastgesteld, dat er een logistiek probleem is geweest in de wasdroger van het hotel. Om 09:00 uur gaan we van start. Eerst een korte afdaling, dan na 6 km een klimmetje. Echt eentje om wakker te worden. Niet te steil, maar om zonder warming-up te beklimmen in deze temperatuur te steil. Dus moeten we rustig aan doen, om de spieren te sparen. We willen geen blessures oplopen, de dag is nog lang. Om precies te zijn, 202 kilometer.. Na 16 kilometer, gaan we over de Donau. De totaalteller geeft 822 kilometer aan. Op dat moment, realiseer ik me, dat we vandaag net over de grens van Oostenrijk gaan eindigen, dan zit de eerste helft van de 2.000 km erop. We hebben die afstand vaak genoemd. Het uitspreken ervan is wat, maar zo’n afstand echt rijden is ook echt heel wat. Dat merken we nu wel. Vandaag rijden we langs de provinciale weg van Regensburg in Duitsland, naar Passua in Oostenrijk. In principe hoeven we de borden maar te volgen en dan komen we er vanzelf. Ja gewoon vanzelf. Na zo’n 186 kilometer bedoelen we dan. En rechtdoor betekent: zo’n beetje rechtdoor en je hoeft alleen maar te weten, waar je af moet slaan en zo. Maar daar hebben we onze agenten Rob en Willy met GPS voor. En om het verkeer te regelen en alles veilig te houden. Oh ja, dat heb ik natuurlijk ook nog niet verteld. Het verkeer en haar deelnemers. Die zijn in dit deel heel erg beleefd. Op een enkeling na. Ook Willy moet scherp blijven tijdens de hele tocht. Dus waarschuwt hij het tegemoet komende- en regelt het inhalen van het achterop komend verkeer. Samen met Rob dus. En Willy zit helemaal in zijn rol. Sommigen proberen die instructies te negeren. Ja, proberen. Kun je het voorstellen? Willy op die motor met een geel vestje aan. Mja, zie je ze denken. Het zou best wel eens geen agent kunnen zijn, maar die kans is klein. Dus toch maar proberen dan. En dan Willy. Meestal is het kijken voldoende, maar sommigen hebben nog een streng handgebaar nodig om te stoppen. Maar de meesten zijn echt heel beleefd en volgen de instructies zonder te mopperen of te toeteren. En als Willy op onze weghelft niets te doen heeft, laat hij zo af en toe het tegemoet komende verkeer stoppen. Want je moet scherp blijven. De wind is krachtig maar gustig van richting, we hebben er echt veel voordeel van. Ook een nadeel, want lang op dezelfde manier in de zelfde houding rijden geeft extra zadelpijn. Maar we accepteren dit nadeel en trappen kilometer na kilometer weg. Op 150 km hebben we de 2e stop. In een heel net restaurant, waar verschillende families aan het ontbijten zijn. Dus met z’n allen in een leeg zaaltje, waar heel veel tafels gereed staan om gasten te ontvangen. Nadat we ons 2e bakkie besteld hebben, besluiten we om ieder aan een tafeltje te gaan zitten en de reactie van de serveerster af te wachten. Typische CSI grap. Grote hilariteit dus! In de namiddag, passeren we een magisch punt in de toer. Ik volg het op mijn teller 996, 997, 998, 999 en dan….. 1.000 zou je verwachten. Nee hoor. “Error” geeft het display aan. Doe normaal man. Error. Ach ja, welk klokje houdt er nou rekening met zulke gekken afstanden? Maar ik ga wel eenklacht indienen. Een klokje moet toch gewoon en trip aangeven van 1.000 km Daar moeten toch meermensen last van hebben? We komen dichter en dichter bij onze eindbestemming, het hotel. Die ligt boven op een heiuvel. Berg eigenlijk. Geen steile klim, maar wel lang. Heel erg lang. Dus moeten we nog even heel hard werken, voordat we kunnen douchen vandaag. Iedereen is binnen we we zitten nog steeds met 9 renners onderweg. We genieten van ons heerlijke diner en gaan slapen. We zijn onze begeleiding dankbaar, dat ze ons weer veilig door deze etappe geloodtst hebben.